Sperlregels Klootschieten


i.v.m. de veiligheid van de deelnemers zijn enkele regels aangepast t.o.v. te doen gebruikelijk

 

  1. Een klootschietteam bestaat uit minimaal twee spelers.
  2. Er wordt per twee teams gestart.
  3. Eén speler van team A en één speler van team B blijven bij de startlijn. De andere spelers lopen vooruit op verschillende afstand van elkaar. De lopende spelers lopen zover als zij denken dat de kloot zal rollen.
  4. De werpende speler van team A ziet dat de lopers op hun plaatsen zijn gearriveerd. Tevens controleert hij/zij of de weg vrij is van overig verkeer. OVERIG VERKEER HEEFT ALTIJD VOORRANG. De werper roept luid dat hij/zij gaat gooien.
  5. Er wordt altijd onderhands gegooid! (Net als bij bowling of kegelen.)
  6. De lopers volgen de kloot de hele weg en laten deze volledig uitrollen. Een snelle kloot tegenhouden is uitermate gevaarlijk!
  7. Komt de kloot tot stilstand dan wordt deze opgenomen en wordt er loodrecht op de weg een streep gezet. Dit was de eerste worp van team A.
  8. Voor team B volgt nu hun eerste worp. De punten 3 t/m 7 herhalen voor team B.
  9. Nadat ook team B heeft geworpen gaat de volgende werper van het team dat het minst ver heeft gegooid, gooien vanaf de plaats waar hun kloot tot stilstand is gekomen.
  10. De overige spelers zijn weer een stuk verder gelopen.
  11. Er wordt telkens gekeken welke kloot men in looprichting het eerste tegenkomt. Het team waartoe deze kloot behoort gooit dan als eerste. Het kan dus voorkomen dat één team meerdere keren achtereen gooit. (zie afbeelding 1)
  12. Elke worp wordt aangestreept op het scoreblad. Elk team houdt zowel van zichzelf als ook van de tegenstander de score bij, zodat regelmatig kan wordt vergeleken of de scores nog kloppen.
  13. Bij het nemen van bochten kan de kloot, afhankelijk van de vorm van de weg, de bocht volgen. Het is tijdens deze tocht niet toegestaan bochten af te snijden d.m.v. het gooien van de kloot van wegdeel naar wegdeel. De lijn die de kloot aflegt mag dus niet buiten de weg liggen. De weg is het pad waarover men loopt inclusief de bermen.
  14. Het is de bedoeling dat het parcours in zo min mogelijk worpen wordt afgelegd.

Normaal wordt bij een eindstreep het aantal meters dat de streep overschreden genoteerd. Dit doet men om bij een gelijke stand in worpen, toch een beslissing te hebben. (Het aantal meters te ver gegooid zijn pluspunten.) Tijdens deze route zullen we geen gebruik maken van deze regel, daar dit gevaarlijke situaties kan opleveren. Een dobbelsteen zal dan uitkomst bieden. 

 

Afbeelding 1 toont aan dat het goed mogelijk is dat één team meerdere keren achtereen gooit. In dit geval dus team B.

 

Afbeelding 2 toont het afsnijden van bochten. Zie punt 13 van de spelregels.

 

Ook eens meespelen? Kijk op het jaarprogramma of het dit jaar geprogrammeerd is.